dinsdag, augustus 17, 2010

Poëzie en natuur gouden combinatie op Elswout

Haarlems Dagblad

16 augustus 2010 maandag

Poëzie en natuur gouden combinatie op Elswout



Overveen - Wanneer de grassprieten uit de plastic bekers zijn geblazen, wordt de champagnefles open getrokken. Zaterdag was het op het veld naast het koetshuis van Landgoed Elswout goed toeven. De belangstelling bleek groot voor het Poëziefestival dat deze middag zijn tweede editie beleefde.


Het gemêleerde publiek ligt languit in het gras, zit bijeen gekropen op kleedjes, inklapbare stoeltjes of zoekt een plekje aan de lange tafels die voor de gelegenheid staan opgesteld. Wie geen eigen picknick mee heeft, kan hapjes en drankjes kopen bij een kraam van de Oranjerie.

,,Een verrassende opkomst", zegt Lucas Hirsch, samen met Jessica Kroskinski het gezicht achter de stichting Kleine Revolutie Producties die literaire evenementen in Haarlem en omstreken organiseert. ,,Minstens dubbel zoveel bezoekers als vorig jaar. Maar de sfeer is hetzelfde gebleven, gemoedelijk en vrijblijvend.''

Het zonovergoten decor brengt nieuwsgierige wandelaars en fanatieke poëzieliefhebbers samen. ,,Poëzie en natuur zijn een gouden combi'', glimlacht Hirsch. Kroskinski beaamt: ,,Beide geven rust. Bovendien zal voor veel dichters de natuur een bron van inspiratie zijn, of in ieder geval een plek waar ze hun gedachten los kunnen laten. En wanneer de dichters hier hun werk voordragen, is het alsof iets in de natuur het oppakt en laat galmen. Om die reden past een poëziefestival hier zo goed.''

Het programma presenteert een achttal dichters, bekend en minder bekend, allen door Hirsch en Kroskinski persoonlijk geselecteerd op hun kwaliteiten. Hélène Gelèns bijt de spits af met poëzie over rennen en stilstaan. Oud-stadsdichter van Amsterdam Mustafa Stitou neemt na haar plaats achter de microfoon. Tijdens zijn eerste voordracht wordt hij geplaagd door een wesp.

,,Hij houdt van poëzie blijkbaar'', zegt hij grijnzend, terwijl hij het beest weg wappert en opnieuw begint. De gemoedelijke toon is daarmee meteen gezet.

Marije Langelaar, Arjen Duinker, John Schoorl, Fleur Bourgonje en Erik Jan Harmens volgen. Tot slot neemt Utrechts stadsdichter Ingmar Heytze het woord. De gedichten zijn afwisselend ernstig en luchtig. Soms zijn het concrete verhaaltjes, over het flirten met de dochter van een kledingreperateur (Stitou), soms wordt er juist een vreemd herkenbaar beeld geschetst hoe te verdrinken in een lichaam (Langelaar). De stemmen van de dichters werken betoverend op het publiek, de een nog zangeriger dan de ander. Harmens heeft zelfs een speciale voorleesstem. Zijn gedichten worden beantwoord met instemmend gelach.

,,Omdat de gedichten worden voorgedragen, zijn ze veel makkelijker te begrijpen'', zegt Kroskinski.

,,De dichters lezen immers voor met de juiste intonatie, en dat helpt bij het interpreteren van de poëzie.'' Wie toch graag de gedichten wil nalezen, kan aan de boekentafel van Boekhandel Athenaeum een dichtbundel aanschaffen.

Pas bij de laatste klanken van Marten de Paepe, die het geheel muzikaal afsluit, stroomt het veld langzaam weer leeg. Het aftellen tot het volgende poëziefestival kan beginnen!

Voor meer literaire evenementen op locatie, zie http://www.kleinerevolutieproducties.nl.